Logo SONS

SAMENWERKING ONDERWIJSINSTELLINGEN NEDERLAND – SURINAME

HvA   SONS SAMENWERKING ONDERWIJSINSTELLINGEN NEDERLAND – SURINAME   aanmelden
Verslag Werkconferentie SONS – 13 en 14 november 2025
SONS Achtergrond 02
DSC01658
MG 9402
DSC01624
DSC01614
DSC01647
DSC01600

Werkconferentie Samenwerking Onderwijsinstellingen
Nederland – Suriname (SONS)

Suriname en Nederland versterken duurzame samenwerking in onderwijs en arbeidsmarkt

Op 13 en 14 november 2025 vond de werkconferentie Samenwerking Onderwijsinstellingen Nederland - Suriname (SONS) plaats. Onderwijsprofessionals uit beide landen, bedrijven en sectororganisaties uit Suriname kwamen samen om te werken aan een duurzaam, structureel platform dat onderwijsinitiatieven beter moet laten aansluiten op de behoeften van de arbeidsmarkt.

Samenwerking op basis van wederkerigheid

De conferentie markeerde een gezamenlijke stap naar een duurzame onderwijsrelatie. Suriname en Nederland erkennen hun gedeelde geschiedenis én hun ambities voor de toekomst. Onderwijs wordt gezien als een krachtige motor voor ontwikkeling, waarbij Surinaamse en Nederlandse instellingen elkaar kunnen versterken op basis van wederkerigheid, respect en gezamenlijke verantwoordelijkheid.

Waar eerdere samenwerkingen vaak projectmatig en versnipperd waren, biedt SONS ruimte voor het bundelen van expertise, het duurzaam verankeren van innovaties en het stimuleren van talentontwikkeling. Centraal staat het ontwikkelen van een platform dat inzet op diepere samenwerking, effectieve onderwijsvernieuwing en ‘brain circulation’ in plaats van braindrain.

Programmaoverzicht

Dag 1 – Onderwijs en sectorale werkgroepen

De eerste dag stond in het teken van curriculumontwikkeling, professionalisering en sectorale samenwerking. Werkgroepen verkenden thema’s zoals zorg en welzijn, business, bestuur en governance, lerarenopleidingen, media en cultuur, rechten, social sciences, ecologie en biodiversiteit, en techniek en ICT. Hun bevindingen vormen de basis voor een gezamenlijk visie- en actieplan.

Dag 2 – Arbeidsmarkt en nationale ontwikkelingsrichting

Op de tweede dag lag de focus op het werkveld: de arbeidsmarkt, local content, de nationale ontwikkelingsvisie voor 2050, diaspora-inbreng en de aansluiting tussen basis-, vervolgonderwijs en beroepspraktijk. 

Bijdragen van sprekers

Minister Dirk Currie (MINOWC) opende de conferentie en benadrukte dat SONS een partnerschap is, geen hulprelatie. Hij onderstreepte het belang van ‘brain circulation’: studenten en professionals moeten kennis kunnen ophalen én terugbrengen om Suriname te versterken: “We willen onze jongeren kansen bieden die hen uitdagen én verbinden aan hun thuisland.”

Directeur Nasiah Hassankhan (Hoger en Wetenschappelijk Onderwijs) riep op tot kritische reflectie en duurzame samenwerking, waarbij gedeelde taal, cultuur en geschiedenis een unieke basis vormen.

Avinash Hiralal (SONS-kerngroep) benadrukte de rol van het bedrijfsleven bij het afstemmen van curricula op praktijk en benodigde vaardigheden.

Clyde Griffith (GS Trader N.V.) presenteerde ontwikkelingen in de olie- en gassector en benadrukte dat local content pas waarde heeft wanneer Suriname investeert in eigen vakmensen en gelijktijdig inzet op sectoren zoals ICT, landbouw, toerisme, zorg, techniek, energie en de groene economie.

In een paneldialoog, geleid door Jair Schalkwijk, bespraken minister Patrick Brunings, Griffith, Dave Abeleven en Revinh Ramnandanlal de toekomst van de arbeidsmarkt en het belang van competentiegericht onderwijs. Ook werd de rol van de Suriname National Training Authority (SNTA) besproken bij het formuleren van duidelijke beroepskwalificatienormen.

Kernvraag tijdens de dialoog

Hoe sluiten we onderwijs en arbeidsmarkt beter op elkaar aan, nu én richting 2050?


Belangrijkste inzichten uit de dialoog

1. Structurele kloof tussen onderwijs en arbeidsmarkt

Onderzoek toont aan dat Suriname kampt met:

  • tekorten aan beroepsvaardigheden en beroepshouding
  • onvoldoende taalvaardigheid
  • een zwakke basis in MULO/VOJ
  • dalende doorstroom naar MBO/HBO
  • uitstroom van mannen uit het onderwijs
  • beperkt aanbod van praktijkplaatsen en begeleiding

2. Van kennisgericht naar competentiegericht onderwijs

Volgens Dave Abeleven is het onderwijs te kennisgericht. Competentiegericht onderwijs combineert kennis, houding en praktische vaardigheden. AI kan kennis versnellen, maar houding en praktijkervaring ontstaan alleen door goede begeleiding en praktijkleren.

3. Versterking van de basis

Uit zowel onderwijs als werkveld klinkt een duidelijk signaal:

  • de grootste uitdaging ligt in het basis- en voortgezet onderwijs
  • taal, rekenen, burgerschap en studievaardigheden zijn onvoldoende ontwikkeld
  • zonder sterke basis komt de hele keten onder druk
  • lerarenopleidingen zijn cruciaal voor kwaliteitsverbetering

4. Noodzaak van een nationale ontwikkelingsvisie

Zonder nationale visie is gericht onderwijs- en arbeidsmarktbeleid niet mogelijk. De minister kondigt een grote nationale workshop aan voor april 2026, gericht op:

  • sectorontwikkeling richting 2050
  • energie-, groene en industriële keuzes
  • benodigde disciplines en aantallen vakmensen
  • inrichting van onderwijs en omscholing

5. Diaspora als strategische partner

Met circa 400.000 Surinamers in Nederland vormt de diaspora een belangrijke kennisbron. Succesvolle samenwerking vraagt:

  • transparante voorwaarden en duidelijke afspraken
  • passende incentives
  • onboarding in de Surinaamse context
  • inzet van ook gepensioneerde professionals
  • inbedding in nationale planning

6. Local content vraagt ontwikkeling van de bevolking

“Local content can only be successful if the locals are content,” aldus Brunings. Dit vereist:

  • investeringen in onderwijs en vaardigheden
  • heldere sectorprioriteiten
  • samenwerking tussen overheid, onderwijs en bedrijfsleven
  • aandacht voor sociale balans om onvrede te voorkomen

In de middagsessies gingen de deelnemers enthousiast in thematische werkgroepen aan de slag. Samen verkenden zij bestaande samenwerkingen en dachten zij creatief na over nieuwe mogelijkheden. De groepen bespraken intensief welke kracht, structuur en succesfactoren nodig zijn om het toekomstige SONS-platform effectief en duurzaam te laten functioneren. Het was een dynamisch proces waarin ideeën werden uitgewisseld, inzichten werden gedeeld en gezamenlijke ambities concreet vorm kregen.

Samenvatting per werkgroep

A. Lerarenopleiding Voortgezet Onderwijs

Surinaamse en Nederlandse lerarenopleidingen verkenden samen hoe hun samenwerking kan worden versterkt. Thema’s zoals curriculumontwikkeling, digitale didactiek, interculturele sensitiviteit, kunst & cultuur en leiderschap kwamen aan bod. Al snel werd duidelijk dat een beter afgestemd systeem voor studentuitwisseling en stagebeleid cruciaal is voor verdere gezamenlijke ontwikkeling. Behoeften zijn duidelijk: verdere professionalisering, een helder beeld van wat samenwerking kan opleveren en sterke verbindingen met het werkveld. Afspraken moeten zorgvuldig geformuleerd worden, en er moet ruimte zijn voor gezamenlijke terugkoppeling. Wederkerigheid staat daarbij centraal: eerst inhoudelijke duidelijkheid, daarna formele afspraken.

Tijdens de tweede dag werd het belang van het werkveld extra duidelijk; het ontbreken daarvan werd gevoeld als een gemis. Nederlandse teams hebben behoefte aan kennis over de Surinaamse cultuur en context, terwijl flexibel onderwijs, deelcertificaten en hybride taken als kansrijk werden gezien. Benchmarks moeten deels door scholen en het werkveld worden ontwikkeld. Cultuursensitiviteit moet structureel in het lerarenprogramma worden verankerd, en inspiratiesessies worden gepland om dit verder te concretiseren. Eerstvolgende overleg staat gepland op 4 december. Het SONS-platform wordt gezien als middel om wederkerigheid concreet te maken.

Op basis van deze inzichten ontstond de gezamenlijke idee om samen op te trekken: ontwikkel in gelijkwaardige samenwerking een duurzaam en vraaggestuurd uitwisselings- en stagebeleid dat aansluit op de behoeften van Surinaamse scholen en de professionele vorming van studenten uit beide landen. Dit omvat een inventarisatie van Surinaamse onderwijsbehoeften, gezamenlijk stagebeleid, gerichte plaatsing van Nederlandse studenten op vakgebieden met tekorten, een gezamenlijke opdracht voor alle uitwisselingsstudenten gericht op sensitiviteit en responsiviteit, professionalisering van werkplekbegeleiders en structurele samenwerking waarin de behoeften van beide landen helder zijn. Samenwerking met meerdere instellingen is essentieel om een transparant, haalbaar en impactvol systeem te creëren waarin stagiairs worden ingezet waar ze het meest bijdragen, scholen duidelijke kaders krijgen, en kennisuitwisseling vanzelfsprekend wordt.

B. Techniek & ICT

Binnen de sector Techniek & ICT kwamen actuele ICT-opleidingen, de koppeling tussen deskundigheid en faciliteiten en wederzijds voordeel centraal aan bod. Er was behoefte aan een overzicht van wat elke instelling kan bijdragen en aan meer praktijkervaring voor studenten. Aandachtspunten waren het risico op vertrek van talent en de beschikbaarheid van passende opleidingen. Inzichten toonden aan dat digitale samenwerking en kleinschalige trajecten veel impact kunnen hebben en dat taal een verbindende kracht is.

Tijdens dag twee werd duidelijk dat er grote tekorten zijn aan luchtvaarttechnici, logistiek personeel, data-engineers en cybersecurityspecialisten. Doorstroom vanuit NATIN naar PTC stokt door beperkte capaciteit, terwijl exacte vakken in VOJ/HAVO/VWO versterkt moeten worden om instroom in techniek mogelijk te maken. Positieve voorbeelden, zoals de samenwerking tussen Staatsolie en NATIN, kunnen breder worden toegepast. Bedrijven willen curriculuminput leveren, en er is vraag naar korte certificeringstrajecten, praktijkprojecten en gezamenlijke innovatie. Belangrijke wensen zijn digitale kennisdeling via het SONS-platform, zichtbaarheid van bedrijven en opleidingen, internationale samenwerking en duidelijkheid over vraag en aanbod.

C. Groen / Sustainable Management of Natural Resources

In deze sector lag de focus op stages, studiereizen, docentenuitwisseling en gezamenlijke curriculumontwikkeling. Behoeften waren ondersteuning bij logistiek, studentenbegeleiding, visitaties en toegang tot technologie, terwijl aandachtspunten financiering, balans in partnerschap en behoud van talent betroffen. Zowel dag één als dag twee benadrukten dat directe samenwerking uitstekend werkt, mits gebaseerd op gelijkwaardigheid. Vervolg omvat terugkerende ontmoetingen, gezamenlijke projectaanvragen en betere ondersteuning van mobiliteit.

D. Zorg & Welzijn

De conferentie besprak mental health, preventie, healthy lifestyle, HR-ontwikkeling en professionele rolverdeling. Gezamenlijke curriculumontwikkeling, kennisdeling, accreditatiebegeleiding en voldoende stageplaatsen zijn cruciaal. Politieke invloeden en communicatie vragen aandacht, en klein beginnen versterkt vertrouwen en transparantie.

Op dag twee werd de urgentie van tekorten aan middelen, personeel en stages benadrukt. Onzekerheid over de bestemming van stageregelingsmiddelen werd genoemd, evenals de mogelijkheid van buddykoppelingen tussen SU- en NL-studenten. Netwerken willen gezamenlijke doelstellingen en KPI’s, en instellingen vragen overzicht van initiatieven om overlap te voorkomen. Er is behoefte aan meer wederzijdse studentmobiliteit. Vervolg omvat structurele communicatiemomenten, overdrachtsafspraken en regulier overleg met ziekenhuizen, inspectie en opleidingen.

E. Business, Bestuur & Governance

De sector richt zich op capaciteitsversterking en verandermanagement binnen de Surinaamse context. Belangrijk is samenwerking vanaf de agendavorming, afstemming op lokale realiteiten en samenhang in initiatieven. Invloeden van organisatieculturen, de kloof tussen kennis en toepassing en versnippering zijn aandachtspunten. Dag twee bevestigde dat breed draagvlak en wederzijdse transparantie essentieel zijn. Vervolg omvat regelmatige sessies, duidelijke communicatie en input vanuit het werkveld.

F. Rechten

Wetenschappelijke en praktijkgerichte vorming gecombineerd met design-based education stond centraal. Er is behoefte aan gezamenlijke financiering van projecten, institutionele betrokkenheid en stage- en onderzoeksplaatsen. Brain circulation moet worden gestimuleerd en samenwerking mag niet afhankelijk zijn van enkele personen. Dag twee bevestigde het belang van breed draagvlak en heldere kaders. Vervolg omvat 6-wekelijkse bijeenkomsten en curriculumversterking in aansluiting op het werkveld.

H. Pedagogische Instituten – Primair Onderwijs

Suriname staat voor de opgave het basisonderwijs structureel te verbeteren. De huidige mbo-opleiding biedt onvoldoende basis, waardoor transformatie naar een HBO-opleiding noodzakelijk is. Zowel dag één als dag twee legden de nadruk op co-creatie, een duidelijke visie van het ministerie en ruimte voor eigen verantwoordelijkheid van instituten. Zittende leraren moeten een verkort traject krijgen, en het curriculum vereist grondige herziening door SU- en NL-partners samen met experts en werkveld.

Gezamenlijke opdracht

  • Ontwikkel een toekomstgericht HBO-curriculum
  • Gezamenlijke professionalisering van docenten, schoolleiders, werkplekbegeleiders en zittende leraren
  • Vernieuwing van stage- en werkplekleren
  • Gelijkwaardige kennisdeling
  • Duurzame samenwerking met structurele uitwisselingen
  • Kwaliteitsborging onder Surinaamse regie in afstemming met het ministerie

Samenwerking is essentieel omdat de omvang en complexiteit de capaciteit van één organisatie overstijgt. Door de Pedagogische Instituten, basisscholen en hogescholen uit beide landen te verbinden, ontstaat een rijk, divers kennisnetwerk dat innovatie en duurzame kwaliteit bevordert.

I. Media & Cultuur

De sector besprak kunst, taal, cultuur, STEAM en Surinaamse identiteit in het onderwijs. Dag één en twee onderstreepten de behoefte aan kennisdeling, structurele aandacht voor cultuur, netwerkuitbreiding en duidelijke indicatoren. Digitale evaluaties worden gezien als effectief middel. Er is een tekort aan KCE-docenten, podiumkunstprofessionals, erfgoedspecialisten en grafisch vormgevers. Nauwere samenwerking tussen instellingen en structurele betrokkenheid van overkoepelende actoren (zoals directoraat Cultuur) zijn noodzakelijk. SONS kan dienen als platform voor zichtbaarheid, netwerkvorming en partnerschappen.

Allround / PPP / Bedrijfsleven-Onderwijs

Dag één en twee benadrukten dat Public–Private Partnerships sterker moeten worden ingezet voor curriculumontwikkeling en professionalisering. De gehele onderwijskolom (PO → VO → MBO/HBO) moet worden doorgelicht en een sectorbrede GAP-analyse uitgevoerd. Power skills moeten vanaf de basis geïntegreerd worden, en bedrijfsleven wil actief betrokken zijn bij besluitvorming (Local Content Board). Betrouwbare informatie via SONS-platform is cruciaal.

Toerisme & aanverwante sectoren

De sector focuste op curriculumactualisatie, aansluiting tussen onderwijs en bedrijfsleven en beroepsoriëntatie. Behoeften zijn praktijkgericht leren, regelmatige evaluatie en onderzoek naar toekomstperspectieven. Dag twee bevestigde dat werkveld vroeg betrokken moet worden, gezamenlijke doelen belangrijk zijn en curricula moeten aansluiten bij nationale ambities.

Gezamenlijke rode draden

  • Samenwerking op basis van wederkerigheid en betrouwbaarheid
  • Duurzame verbindingen in plaats van losse projecten
  • Gezamenlijke ontwikkeling van curricula, professionalisering en HR-instrumenten
  • Talentontwikkeling en brain circulation stimuleren
  • Onderwijs sterker verbinden met praktijk en onderzoek
  • Cultuur- en contextsensitieve samenwerking
  • Transparantie, communicatie en continuïteit als fundament
  • Helderheid over middelen, wederzijdse bijdrage en rolverdeling

Afsluiting conferentie en vervolg

De conferentie eindigde met de oproep: “We moeten doorpakken; deze energie mag niet verloren gaan.” Jair Schalkwijk benadrukte het belang van netwerken, gedeelde expertise en de rol van onderwijs bij ontwikkeling. SONS wil de ‘overkoepelende bootsman’ zijn, die verbindt, faciliteert en versterkt zonder over te nemen.

Vervolgafspraken:

  • Lancering SONS-platform in december
  • Online vervolgsessies per sector
  • Nationale workshop Suriname 2050 in april 2026
  • Volgende fysieke SONS-conferentie in november 2026
  • Tussentijdse digitale bijeenkomsten met sectoren en werkveld
  • Voortdurende focus op transparantie, matching en kennisdeling

 

SONS Achtergrond 02

Agenda

Alle activiteiten
van SONS.

Nieuws

Alle nieuwsberichten
over SONS

Projecten

Binnenkort vindt u hier alle projecten binnen SONS.

Partners

Alle deelnemende partijen binnen SONS.

Stel hier je vraag!

Partners van SONS

SONS wordt mogelijk gemaakt met steun van

Logo ministerie van onderwijs cultuur en wetenschap
Logo ministerie van onderwijs cultuur en wetenschap suriname
Logo SONS
Over SONS

Binnen het platform Samenwerking Onderwijsinstellingen Nederland – Suriname (SONS) werken wo-, hbo- en mbo-instellingen samen met relevante partners aan toekomstgericht onderwijs. SONS brengt deze partijen bij elkaar, bevordert transparantie en verkent mogelijkheden voor samenwerking, met oog voor de nationale onderwijsagenda’s en de behoeften van het werkveld.